Mijn leven buiten werk | Peter

Lepelwagenchauffeur Peter Lankhuijzen houdt er een bijzondere nevenfunctie op na: schapenhoeder. Geen klassiek type met grijze baard en stok want Peter is met zijn halflange haar en 39 jaar meer een hippe herder. Bovendien graast zijn kudde niet op de eindeloze groene weides, maar gewoon midden in de Randstad. Lekker stereotype-doorbrekend!

Hoe het begon
Vijf jaar geleden kwam Peter bij de ANWB in dienst op de lepelwagen. Maar in zijn vrije tijd is hij schapenhoeder; gewoon midden in de Randstad. Peters interesse voor het schapenhoeden begon bij de honden. ‘We wisten altijd al dat we honden wilden als de kinderen wat ouder waren. Ik had met name interesse in de Border Collies, die speciaal gefokt worden om met schapen te werken’ vertelt Peter. 


Met 4 honden groeide ook de interesse om ze te laten doen waar ze goed in zijn: schapen drijven. Samen met zijn compagnon Elzo (4 jaar geleden ontmoet tijdens het hondenuitlaten) heeft hij vorig jaar zomer de stap gezet om voor zichzelf te beginnen. Ze kochten 250 Kempische Heidenschapen en gingen bij gemeenten en provincies langs opzoek naar land om te begrazen. Sindsdien zitten ze in het landschapsbeheer. Inmiddels hebben ze behoorlijke begrazingsprojecten in onder andere Leidschendam/Voorburg, Voorschoten en Wassenaar.

Biodiversiteit
De kudde doet meer dan alleen het gras kort houden. Het doel is de biodiversiteit op gang houden. De schapen nemen in hun vacht en poten zaden van planten, bloemen en kruiden mee, en die vallen ergens anders op de grond. Ook via uitwerpselen verspreiden gewassen zich op een natuurlijke manier. De schapen zorgen voor ecologische overgangen tussen stukken grond. Waar een grasmaaier alleen rechte lijnen maakt is door grazen de afscheiding veel natuurlijker. 


Stedelijk gebied
Schapen hoeden in een stedelijk gebied is totaal andere koek dan op het platteland. De schapen hebben bijvoorbeeld minder ruimte. “Ze grazen meestal in speciale, verplaatsbare netten die onder stroom staan” licht Peter toe. “Zo kunnen ze niet weg en kunnen er geen andere honden bij”. Een schaap kwijtraken gebeurd niet vaak. Het zijn kuddedieren, dus ze blijven altijd bij elkaar. Maar dreigt er toch ooit eentje te verdwalen dan weten de honden precies wat ze moeten doen. 


Bijzonder
Het meest bijzondere aan zijn hobby vindt Peter de interactie tussen schaap, hond en herder. ‘Je bent met z’n drieën een team. Met een fluitje kun je de honden alles laten doen, ze weten precies wat er van ze verwacht wordt. 


In de toekomst heeft Peter nog grote plannen. Volgend jaar gaan ze eerst uitbreiden. “Mijn vrouw is gediplomeerd coach. We willen de schapen en honden inzetten voor teambuilding of om werknemers met een burn-out te helpen”, legt Peter uit. Over een paar jaar als de kinderen klaar zijn met de middelbare school, verhuist het gezin naar het oosten van het land. Of naar Frankrijk, daar zijn ze nog niet uit. In ieder geval naar een plek met veel ruimte en grazige weiden. Maar voorlopig is Peter nog vier dagen per week op de lepelwagen te vinden. Daar zit hij ook prima op z’n plek.